Zoekplaatje: waar zit de GSM mast “verstopt”?

Mensen die EHS  hebben, ervaren lichamelijke klachten en wijzen zendmasten* en andere apparaten(wifi-routers en mobiele telefoons) aan als de directe oorzaak van hun klachten. Naar schatting is 1,5% tot 10% van de bevolking in westerse landen elektrogevoelig wat wordt toegeschreven aan de elektromagnetische velden van zendmasten en andere apparaten. In Nederland komt dit percentage neer op ruwweg 250.000 tot 500.000 mensen.

*Zendmasten gebruiken radiofrequente elektromagnetische velden (RF-EMV) met frequenties tussen 10 kilohertz en 300 gigahertz om o.a. draadloos te communiceren voor bellen en mobiel internet.

Onze overheid
De Nederlandse overheid en gezondheidsinstanties stellen dat er geen wetenschappelijk verband is aangetoond tussen gezondheidsklachten en elektromagnetische velden (EMV) onder de wettelijke limieten. Tegelijkertijd is er een belangrijke juridische en maatschappelijke verschuiving gaande waarin de ervaren klachten en de impact op het dagelijks leven wél officieel worden erkend

De relatie tussen de overheid en elektrogevoeligheid (EHS) rust op drie pijlers:
1. Juridische erkenning als handicap
Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en het College voor de Rechten van de Mens hebben wél beoordeeld dat personen met ernstige elektrogevoeligheid onder de bescherming van het VN-verdrag Handicap en de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte vallen, ondanks dat er geen wetenschappelijk verband is aangetoond.
2. Wetenschappelijk standpunt en advies
Officiële instanties zoals het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) en de Gezondheidsraad baseren hun richtlijnen op internationale wetenschappelijke consensus. Het RIVM stelt in 2026 dat er geen consistent wetenschappelijk bewijs is voor een oorzakelijk verband tussen blootstelling aan elektromagnetische velden (EMV) onder de internationale limieten en het ontstaan van de ervaren gezondheidsklachten. Het RIVM en de GGD’ en erkennen nadrukkelijk dat de gezondheidsklachten (zoals hoofdpijn, vermoeidheid, slaapproblemen en concentratiestoornissen) reëel zijn en een grote impact kunnen hebben op het dagelijks leven van mensen. Ook de Gezondheidsraad erkent elektrogevoeligheid (ook wel elektrohypersensitiviteit of EHS genoemd) niet als een medische aandoening, omdat er geen wetenschappelijk bewijs is voor een direct oorzakelijk verband tussen elektromagnetische velden en de ervaren klachten.
3. Voorzorgsbeleid*
Bij bepaalde specifieke bronnen past de overheid uit voorzorg strengere regels toe, het voorzorgsprincipe. Mensen die gezondheidsklachten ervaren en vermoeden dat dit door straling komt, kunnen voor ondersteuning en advies terecht bij de GGD (Medische Mileukunde), die dan adviseert om te kijken naar het verminderen van stressfactoren en biedt praktische handvatten om de eigen blootstelling in huis te verlagen. 

Opmerking; maar de elektrogevoelige kan ook niet naar een ziekenhuis, niet meer werken en bijv. niet naar een bloemencorso gaan kijken als er geen rekening wordt gehouden met elektrogevoeligheid.

*Het voorzorgsbeleid (of voorzorgsbeginsel) is een moreel en politiek principe dat stelt dat als een ingreep of een beleidsmaatregel ernstige of onomkeerbare schade kan veroorzaken aan de samenleving of het milieu, de bewijslast ligt bij de voorstanders van de ingreep of de maatregel als er geen wetenschappelijke consensus bestaat over de toekomstige schade. Het voorzorgsprincipe is vooral van toepassing in de gezondheidszorg en het milieu; het gaat daar over complexe systemen waar ingrepen resulteren in onvoorspelbare effecten. In een aantal gevallen betreft het de omgang met de risico’s van nieuwe technologieën, zoals alle draadloos, genetisch gemodificeerde organismen of kunstmatige intelligentie.

Blootstellingslimieten RIVM en Gezondheidsraad
De rol van de overheid hierin is dat:
-deoverheid de regels laat toetsen door het RIVM en de Gezondheidsraad en -werkt aan landelijke regels en normen,
-de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) wél continu controleert of zendmasten van providers als KPN, Vodafone en Odido binnen de limieten blijven. In Nederland gelden namelijk strikte blootstellingslimieten voor elektromagnetische velden om de volksgezondheid te beschermen die gebaseerd zijn op de richtlijnen van de ICNIRP (International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection) en worden aanbevolen door de Europese Unie en de Nederlandse Gezondheidsraad.

Zijn de leden* wel neutraal?
Het lidmaatschap van de ICNIRP bestaat uit een voorzitter, vice-voorzitter en 13 leden. Deze onafhankelijke commissie van internationale wetenschappers stelt de blootstellingslimieten op voor de elektromagnetische velden waar onze mobiele communicatie mee werkt. De leden zijn deskundigen in de wetenschappelijke disciplines die relevant zijn voor niet-ioniserende stralingsbescherming. Bij het uitvoeren van hun vrijwilligerswerk voor de ICNIRP vertegenwoordigen zij noch hun land van herkomst, noch hun instituten en zijn verplicht om eventuele persoonlijke belangen met betrekking tot hun activiteiten voor ICNIRP op te geven. Maar of dit gebeurt ook gebeurd?

Telecom-industrie bemoeit zich met vaststellen stralingsnormen

Nederland gebruikt de richtlijnen van ICNIRP. De basis van deze richtlijnen komen uit 1998 en zijn gebaseerd op het korte- termijn effect. Verder geven ze aan dat er geen sprake is van het lange termijneffect zoals kanker, of ziekten van het zenuwstelsel. Uit een rapport van Klaus Buchner en Michéle Rivasi wordt duidelijk gemaakt dat de ICNIRP niet onafhankelijk is en aan cherrypicking doet met studies! Dit in het voordeel van de telecom dat er zijn geen schadelijke effecten zijn. Maar die zijn er wél. Want uit een door twee Europarlementariërs uitgebracht rapport blijkt dat de leden van de ICNIRP banden hebben met de Telecom-industrie. Een groep onafhankelijke journalisten van Investigate Europe ontdekte dat de ICNIRP een gesloten clubs is waar gelijkgestemden elkaar verkiezen en waarin leden met een afwijkende mening niet worden toegelaten. De meeste leden zijn bovendien ook lid van minstens één andere organisaties in de Telecom. Daarnaast heeft een significant aantal van hen gelden ontvangen van bedrijven met belangen in de Telecomindustrie.

Het huidige bestuur van de ICNIRP is aangesteld voor de termijn 2024 tot 2028 en de officiële ambtstermijn is in juli 2024 ingegaan. In hoeverre worden de richtlijnen uit 1998 aangehouden want de commissie stelt dat de limieten uit 1998 ons nog steeds beschermen tegen de wetenschappelijk aangetoonde negatieve effecten van elektromagnetische straling! De limieten van de metingen van het vierde kwartaal 2025, liggen tussen de 2 W/m² (Watt per vierkante meter) en10 W/m² en moeten ons dus nog steeds beschermen tegen de gezondheidseffecten.

Meer geheimen van de telecom
Zendmasten en antennes worden vaak onopvallend weggewerkt in kerktorens, schoorstenen of nepbomen zodat ze niet opvallen in het landschap.

Geen causaal verband
Volgens de ICNIRP en de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) hebben grootschalige, dubbelblinde onderzoeken tot nu toe geen oorzakelijk (causaal) verband kunnen aantonen tussen elektromagnetische velden (EMV) en de klachten van elektrogevoeligheid (ook wel EHS genoemd). Omdat de wetenschappelijke basis volgens hen ontbreekt, passen zij de algemene normen niet aan en blijft de EHS’ er in de kou staan in een welvarend en weldenkend land als Nederland.

Bronnen;
https://www.rijksoverheid.nl/themas/familie-zorg-en-gezondheid/leven-met-een-beperking/gelijke-rechten-mensen-met-beperking-of-chronische-ziekte
https://stralingsbewust.info/2024/08/18/elektrogevoeligen-kunnen-zich-beroepen-op-vn-verdrag-handicap-en-wet-gelijke-behandeling/
https://www.omroepbrabant.nl/nieuws/3256535/lelijke-gsm-antennes-verstopt-in-monumentale-gebouwen-kan-jij-ze-zien